Deze nieuwe haag tegen de klimaatcrisis vervangt de thuja’s, een fout die de Fransen blijven maken
© Repairsnmore.nl - Deze nieuwe haag tegen de klimaatcrisis vervangt de thuja’s, een fout die de Fransen blijven maken

Deze nieuwe haag tegen de klimaatcrisis vervangt de thuja’s, een fout die de Fransen blijven maken

User avatar placeholder
- 03/02/2026

Langs rustige straten, achter lage stenen muurtjes en verweerde hekken, staan nog altijd dezelfde strakke, donkergroene muren van thuja. Zij lijken onveranderlijk, alsof ze er altijd zullen zijn. Toch brokkelt dit vertrouwde decor langzaam af in tuinen elders in de wereld. Daar verschijnt op dezelfde plek iets veel losser, kleuriger, bijna levendiger. Wat op het eerste gezicht rommelig oogt, blijkt een goed doordachte reactie op een stiller, maar hardnekkig probleem in de tuin.

Van groene muur naar kwetsbare monocultuur

Veel mensen kozen ooit voor een rij thuja om een tuin snel dicht te maken. Eén soort, netjes op gelijke afstand, strak gesnoeid. Makkelijk, voorspelbaar, weinig denkwerk nodig.

Juist die ogenschijnlijke eenvoud blijkt nu een zwakke plek. Een monocultuur – tientallen meters dezelfde struik – is voor een plaag of schimmel een open uitnodiging. Zodra een specifieke rups, kever of schimmelsoort zijn weg vindt, kan een hele haag in korte tijd bruin worden en afsterven. De tuin verliest dan in één klap beschutting, privacy en windbreking.

Wat er misgaat als alles op één kaart staat

Wie zich nog het drama van de buxusmot herinnert, weet hoe snel dat kan gaan. Hele wijken zagen hun strakke, eeuwenoude buxusranden in enkele weken veranderen in dorre takjes.

Het principe is telkens hetzelfde. Plagen benutten de uniformiteit. Er staan nergens andere soorten tussen die het ritme doorbreken, geen struiken waar zij niets mee kunnen. Ook ziektes verspreiden zich razendsnel als iedere plant genetisch bijna identiek is. De haag, ooit bedoeld als bescherming, verandert dan zélf in het zwakke punt van de tuin.

De omslag in Amerikaanse tuinen

Aan de andere kant van de oceaan is dat inzicht al zichtbaar langs opritten en gazons. In woonwijken waar vroeger keurig geschoren thuja- of lauriermuren domineerden, staan nu gemengde hagen met bloemen, bessen en bladeren in verschillende tinten.

Tussen de takken flitsen vogels, bijen zoemen langs bloemschermen, en in de schaduw van het struikgewas krioelen insecten. Wat eruitziet als een spontane, ietwat wilde rand is in feite een doordacht mini-ecosysteem. Het is geen versiering, maar een andere manier om naar de tuin als geheel te kijken.

De haag als levend ecosysteem

Een biodiverse haag bestaat uit een mengsel van struiken, vaak op twee rijen geplant en iets schuin of in verspringende lijn. Snoei gebeurt losjes, zodat er hoogteverschil en diepte kunnen ontstaan.

Die structuur levert verschillende “verdiepingen” op. Onderin dichte takken voor kleine vogels, in het midden bloeiende struiken, hogerop besdragende takken of wat klimop. Dood hout dat men vroeger direct opruimde, blijft soms bewust liggen of staan. Daar kruipen kevers en andere insecten in weg, die op hun beurt weer voedsel zijn voor vogels en egels.

Een haag vol leven: aantallen die verrassen

Veldwaarnemingen laten zien hoe rijk zo’n haag kan worden. In één enkele gemengde haag nestelen zich gemakkelijk meer dan honderd vogelsoorten op termijn, afhankelijk van de regio.

Daarbovenop komen nog eens duizenden soorten insecten en andere kleine ongewervelden. Voor het blote oog is dat slechts af en toe een vlinder of hommel, maar onder bladeren en in spleten speelt zich een voortdurende, stille activiteit af. Elke laag van de haag draagt daaraan bij, van bloesems tot zaad en bessen.

Bescherming tegen droogte én wateroverlast

Naast biodiversiteit is er nog een andere reden waarom deze hagen terrein winnen: het veranderende klimaat. Tuinen krijgen vaker te maken met extreme buien afgewisseld met langere periodes van droogte.

Gemengde hagen, opgebouwd uit verschillende soorten met uiteenlopende worteldieptes en eigenschappen, vangen die schommelingen beter op. Sommige struiken verdragen tijdelijk natte voeten, andere kunnen beter tegen droogte. Samen vormen ze een veerkrachtige buffer. Ze breken de wind, beperken erosie en houden water langer vast in de bodem, terwijl ze tegelijk CO₂ opslaan in hout en wortels.

Waarom de thuja toch blijft staan

Toch blijft in veel tuinen de reflex bestaan om simpelweg opnieuw thuja of een andere monocultuur te planten zodra een haag het begeeft. Gewoonte speelt een rol: mensen weten wat ze krijgen, en tuincentra bieden deze soorten vaak grootschalig en goedkoop aan.

Daarbij komt het beeld van orde en controle. Een strakke, egaal groene wand oogt voor velen “opgeruimd” en modern. Het ongemak over wat iets lossers en gevarieerders kan doen met het straatbeeld, houdt de verandering tegen. Maar daardoor blijft men ook hangen in een systeem dat aantoonbaar kwetsbaar is.

De bocage als stille inspiratiebron

De nieuwe hagen in Amerikaanse tuinen zijn niet zomaar uit de lucht komen vallen. Ze zijn losjes geïnspireerd op de traditionele bocage-hagen uit oude landbouwlandschappen: gemengde houtwallen van struiken en bomen die velden omzoomden.

Die bocages dienden als windscherm, veekering, bron van hout en toevluchtsoord voor fauna. Precies die veelzijdigheid spreekt nu weer aan. In de moderne tuin wordt het principe vertaald naar een compactere, maar nog steeds gelaagde haag, geschikt voor een stads- of dorperceel.

Welke planten werken in een gemengde haag

In een gematigd klimaat is de keuze groot. Belangrijk is dat soorten snoeitolerant zijn en passen bij de lokale bodem en omstandigheden. Denk aan aronia met zijn witte lentebloesem en donkere bessen, viburnum met schermbloemen en herfstkleur, of lindera met geurend blad.

Wintergroene soorten zoals bepaalde Ilex-variëteiten zorgen dat de haag ook in de koude maanden body houdt. Struiken als clethra, vlier en meidoorn brengen geur, bloei en bessen. Door slim te combineren, ontstaat het hele jaar door iets te zien en te eten voor mens én dier.

Hoe en wanneer je een levende haag aanlegt

De meest geschikte periode om te planten is de herfst of het vroege voorjaar. De grond is dan nog of alweer vochtig, en wortels kunnen zich rustig ontwikkelen voordat de zomerhitte inzet.

Plant bij voorkeur wortelnaakte struiken op afstanden van zo’n 70 tot 100 centimeter, eventueel in twee rijen in verspringend patroon. Na het planten helpt een flinke laag mulch om vocht vast te houden en onkruid te remmen. In het eerste jaar zijn regelmatige gietbeurten cruciaal, zeker bij droog weer.

Snoei met respect voor het leven in de haag

In plaats van strakke, frequente snoeirondes werkt een lichte snoei in het late winterseizoen beter. Dan krijgt de haag vorm, zonder dat hij tot op de centimeter wordt vastgezet.

Tussen maart en juli is het verstandig snoeiwerk te vermijden. In deze periode broeden veel vogels tussen de takken. Door hen met rust te laten, behoudt de haag zijn functie als veilige schuilplaats en kraamkamer. De beloning is hoorbaar: meer gezang, meer activiteit, meer leven vlakbij het raam.

Van muur naar netwerk

Wie beide beelden naast elkaar zet – de oude, gesloten thuja-muur en de nieuwe, gemengde haag – ziet meer dan een stijlkeuze. De ene is een statische barrière, de andere een dynamisch netwerk dat ademt, groeit en zich aanpast.

Elke tuin, hoe klein ook, bevat dat onbenutte potentieel. Een haag hoeft niet langer alleen grenzen aan te geven. Ze kan tegelijk een klimaatbuffer zijn, een stukje landschap verbinden én een stille rol spelen in het herstel van biodiversiteit. Zonder grote woorden, gewoon langs de erfgrens, tussen stoep en achterdeur.

Image placeholder

Als 47-jarige onafhankelijke amateurjournalist ben ik Georgij. Ik hou ervan om verhalen te ontdekken en te delen die mensen raken en informeren.